‘Toen ik de volgende ochtend op de redactie kwam om mijn collega’s te vertellen wat er waar is van het zogenaamde grote complot, werd ik uitgelachen. Ook door Zembla researcher Hans van Dijk. Hoewel hij het wel spannend genoeg vond om er samen in te duiken. Omwille van het avontuur, waarbij je niet op voorhand weet wat je conclusie zal zijn, en met het risico dat je jezelf onsterfelijk belachelijk maakt, maar bovenal omwille van het feit dat de gebeurtenissen rond 11 september eigenlijk nauwelijks echt zijn onderzocht. Op 11 september 2001 werd onze bondgenoot, de VS, aangevallen. En daarom voeren ook wij oorlog tegen het terrorisme. Daar hoort bewijsmateriaal bij. En als dat bewijsmateriaal niet deugt, of vragen oproept, dan dienen journalisten dat te onderzoeken. Klein probleem: al het bewijsmateriaal is verdwenen of geheim. De brokstokken van Ground Zero zijn afgevoerd. De wrakstukken van de vliegtuigen, zitten achter slot en grendel. Het DNA onderzoek van de slachtoffers is niet toegankelijk. De zwarte dozen en het videomateriaal van de crash in het Pentagon worden nog altijd achtergehouden. De gegevens van het vooronderzoek naar Mohammed Atta, dat al ruim voor 11 september 2001 liep, zijn allang vernietigd. En zo gaat het maar door. Maar waar begin je? Wat gá je dan onderzoeken?’
Soms kom je een extra cool stukje tekst tegen, ditmaal van één van de makers van de Zembla-documentaire over 9/11. Hoewel we de documentaire -waar wij ook aan hebben meegewerkt- nog niet gezien hebben, maakt deze tekst ons wel heel erg nieuwsgierig. Zondag 10 September, de Zembla 9/11 documentaire op Ned. 3, 22:15.