Het lijkt op een scène uit een rampenfilm, maar dit gebeurde dus echt. Op 1 april werd een buitenwijk van de hoofdstad van Maleisië, Maleisië, Kuala Lumpur opgeschrikt door een gigantische explosie in een ondergrondse gasleiding. De klap veroorzaakte een enorme vuurzee die volgens getuigen tot wel 20 verdiepingen de lucht in schoot. Resultaat? Een krater in de buurt van een woonwijk, 190 beschadigde huizen, 148 verbrande auto’s en minimaal 145 gewonden, waaronder drie kinderen.
Van die gewonden worden 67 mensen behandeld voor heftige brandwonden in openbare ziekenhuizen, terwijl nog eens 37 mensen terecht konden bij klinieken en privéziekenhuizen. Dertien slachtoffers verkeren zelfs in kritieke toestand. Ondertussen verblijven meer dan 500 mensen in opvangcentra omdat hun huis simpelweg niet meer veilig is.
De Maleisische premier Anwar Ibrahim heeft inmiddels zijn gezicht laten zien in het rampgebied. Hij belooft dat de overheid – samen met staatsoliebedrijf Petronas – alle schade gaat vergoeden. Goed nieuws, maar het herstel kan wel maanden gaan duren.
Wat wél vragen oproept: meerdere bewoners zeggen dat ze vlak voor de explosie al rare trillingen voelden. Er wordt dan ook met een beschuldigende vinger gewezen naar 'rommelige werkzaamheden' aan de gasleiding. Ondertussen heeft de overheid een gebied van bijna 300 meter rondom het explosiepunt volledig afgezet voor onderzoek.
Petronas is druk bezig om de schade te beperken en de gasvoorziening weer op orde te krijgen. Maar de publieke woede groeit. Vooral nu er aanwijzingen zijn dat deze ramp misschien voorkomen had kunnen worden.
Plaats reactie
0 reacties
Laad meer reacties Bekijk alle reacties